|
Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK)
De Verenigde
Naties namen het verdrag in 1989 aan. Het is het meest geratificeerde mensenrechtenverdrag
ter wereld: 193 van de 195 landen ratificeerden het verdrag. Alleen de Verenigde Staten en Somalië hebben het niet geratificeerd
(wel ondertekend, maar niet bekrachtigd).
De argumenten om een apart kinderrechtenverdrag tot stand te brengen zijn kort samen
te vatten. Kinderen zijn burgers met mensenrechten (die dús een beroep kunnen doen op
algemene mensenrechtenverdragen), maar in aanvulling daarop is er voor kinderen wat
extra’s nodig zoals bescherming, begeleiding, participatie. Kinderen verschillen immers
van volwassenen als het gaat om bijvoorbeeld ontwikkeling, ervaring en afhankelijkheid.
Gezien de snelle en bijna universele ratificatie van het IVRK was 'de wereld' ook overtuigd
van de noodzaak van zo’n apart verdrag.
Het kinderrechtenverdrag geldt vanaf 1995 in Nederland. De Nederlandse regering
heeft zich in januari 2009 opnieuw verantwoord voor het VN-Kinderrechtencomité in Genève over de manier waarop zij het verdrag in de praktijk brengt.
Dat heeft ons land al twee keer eerder gedaan (in 1997 en 2002). Op 30 januari
2009 bracht het VN-Kinderrechtencomité zijn aanbevelingen uit over de
kinderrechtensituatie in Nederland.
|