Auteur: Werkgroep Kind in azc (page 1 of 4)

Overhandiging monitorrapport ‘Leefomstandigheden van kinderen in de asielopvang’

Op 18 mei 2021 is namens de Werkgroep Kind in azc het nieuwe monitorrapport ‘leefomstandigheden van kinderen in de asielopvang’ overhandigd aan Bart-Jan ter Heerdt, directeur Migratiebeleid bij het ministerie van Justitie en Veiligheid. Tijdens de overhandiging op het azc in Leersum werden de conclusies en aanbevelingen uit het monitorrapport toegelicht door Arja Oomkens, coördinator van de Werkgroep Kind in azc en Maryam, ervaringsdeskundig onderzoeker. Ter Heerdt kreeg in totaal 52 aanbevelingen overhandigd gericht op het creëren van een veilige en stabiele leefomgeving voor kinderen. 

Overhandingingsmoment monitorrapport ‘Leefomstandigheden van kinderen in de asielopvang’
v.l.n.r. Maryam, Arja Oomkens en Bart-Jan ter Heerdt.

Het nieuwe monitorrapport is een vervolg op een eerder grootschalig onderzoek (2018) van de Werkgroep Kind in azc. De Werkgroep droeg destijds 92 aanbevelingen aan waar het Ministerie van J&V en het COA voortvarend mee aan de slag zijn gegaan. Toch kreeg de Werkgroep signalen dat er nog veel schort aan de asielopvang.

De Werkgroep vond het daarom nodig om deze signalen in kaart te brengen in een nieuw monitorrapport en sprak daarvoor met tweeëntwintig kinderen (6-11 jaar), negenentwintig jongeren (12-17 jaar) en tweeëntwintig ouders in drie asielzoekerscentra en een gezinslocatie. Ook zijn negenentwintig COA contactpersonen kind gevraagd om inzicht te bieden in de signalen die zij krijgen vanuit de locaties.

Wat het onderzoek aantoont is dat kinderen in de asielopvang zich nog te vaak onveilig voelen, met name vanwege:

  • Een gevoel van onveiligheid door een gebrek aan privacy (alleenstaanden en gezinnen wonen in de opvang door elkaar en delen voorzieningen zoals een douche, toilet en keuken).
  • Het gebrek aan een toegankelijk vertrouwenspersoon waar kinderen terecht kunnen met hun zorgen.
  • Onverwachte en veelvoudige verhuizingen naar een andere opvanglocatie. Dit werkt ontwrichtend en staat de continuïteit van het onderwijs en de zorg in de weg.
  • Constante stress in gezinslocaties vanwege mogelijke detentie en uitzetting, van kinderen zelf en van vriendjes.

Maryam, ervaringsdeskundige die in haar rol als onderzoeker vele kinderen gesproken heeft, was ook aanwezig tijdens het overhandigingsmoment. Het meest zorgelijk vindt zij dat kinderen en ouders hun gevoelens van onveiligheid vaak niet uiten aan medewerkers van het COA.

‘’Zorgen kunnen bewoners kwijt bij de infobalie. Aangezien de infobalie beperkt open is, staat er vaak een rij mensen te wachten. Mensen hebben dus geen privacy en besluiten hun zorgen voor zich te houden.’’

Maryam (ervaringsdeskundig onderzoeker)

Maryam benadrukt hiermee het belang van een toegankelijk vertrouwenspersoon op azc’s waar kinderen naar toe kunnen met hun vragen en problemen.

Ter Heerdt, Directeur Migratiebeleid bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid, moedigt de kritische kijk vanuit de belevingswereld van kinderen en hun familie in de opvang aan.

”Terugdenkend aan het vorige rapport, hebben we er echt heel veel aan gehad. Het is belangrijk dat we signalen krijgen van de mensen voor wie we het doen. We zitten in een toren in Den Haag en dan is het soms makkelijk om te vergeten dat het echt om kinderen met een gezicht gaat.”

Bart-Jan Ter heerdt (Directeur Migratiebeleid bij het ministerie van J&V)

Met name het gevoel van onveiligheid onder kinderen in de opvang gaat Ter Heerdt aan het hart.

”Kinderen die zich niet veilig voelen, dat is niet oké. Vaak zijn het kinderen die onveilige situaties ontvlucht zijn en hoe dan ook is die reis ontwrichtend geweest, dus dan moet je hier tot rust kunnen komen en je veilig voelen.”

bart-jan TER HEERDT (DIRECTEUR MIGRATIEBELEID BIJ HET MINISTERIE VAN J&V)

De Werkgroep Kind in azc heeft de overheid opgeroepen om de komende tijd samen met het COA hard aan de slag te gaan met de aanbevelingen uit het rapport om er voor te zorgen dat de asielopvang een veilige plek is voor opgroeiende kinderen.

Meer over de rapportage en de overhandiging van het rapport is hier te lezen, zien en te horen: In de media – Kind in azc (kind-in-azc.nl)

Asielopvang voelt onvoldoende veilig voor kinderen

Ondanks een aantal verbeteringen die de afgelopen jaren door het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) zijn doorgevoerd, zijn er signalen dat kinderen zich niet veilig voelen in de Nederlandse asielopvang. Ze ervaren constante stress en hebben geen toegankelijk vertrouwenspersoon waar zij terecht kunnen met hun zorgen. Ook het steeds onverwachts verhuizen naar een andere opvanglocatie is nog altijd een probleem. Dit blijkt uit het eerste monitorrapport ‘leefomstandigheden van kinderen in de asielopvang’, dat de Werkgroep Kind in azc vandaag publiceert.

© TeamUp, fotograaf Debra Barroud

Het monitorrapport biedt inzicht in de leefomstandigheden van tweeëntwintig kinderen (zes-elf jaar), negenentwintig jongeren (twaalf-zeventien jaar) en tweeëntwintig ouders in drie asielzoekerscentra en een gezinslocatie in Nederland. Ook zijn negentwintig COA contactpersonen kind (CPK) gevraagd om inzicht te bieden in de signalen die zij krijgen vanuit de locaties. Het monitorrapport telt in totaal 52 aanbevelingen en wordt vandaag overhandigd aan Bart-Jan ter Heerdt, directeur Migratiebeleid bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Gevoelens van onveiligheid door gebrek aan privacy
Gebrek aan privacy komt als groot probleem naar voren in de monitor en zorgt ervoor dat ouders en kinderen zich onveilig kunnen voelen op een azc. Families en alleenstaanden wonen door elkaar heen in één gebouw en delen de voorzieningen, met regelmatig geluidsoverlast, onderlinge spanningen en incidenten tussen bewoners tot gevolg. Op gezinslocaties ervaren kinderen daarnaast constante stress vanwege de dreigende detentie en uitzetting, van zichzelf en van hun vriendjes. “Kinderen krijgen alles mee”, zegt Arja Oomkens, coördinator van Werkgroep Kind in azc, “ook zaken die helemaal niet voor hun ogen en oren bedoeld zijn. Ze hebben geen kans om kind te zijn.”

Geen vast aanspreekpunt
Uit de monitor blijkt ook dat ouders en kinderen hun zorgen en gevoelens van onveiligheid vaak niet uiten aan medewerkers van het COA. “Dat is logisch te verklaren”, zegt Maryam, die voorheen zelf op een azc woonde en als ervaringsdeskundig onderzoeker betrokken is bij het onderzoek:

“Als bewoner op een azc heb je het gevoel dat alles wat je zegt, tegen je gebruikt kan worden in de asielprocedure. Kinderen durven ook niet zomaar op COA-medewerkers af te stappen om hun verhaal te doen, waardoor ze het maar voor zich houden. Daarbij komt nog dat kinderen zich niet altijd gehoord en serieus genomen voelen, als ze hun verhaal wél besluiten te doen bij een COA-medewerker” (Maryam, ervaringsdeskundig onderzoeker).

Volgens het COA zijn alle medewerkers aanspreekpunt, en zijn er diverse medewerkers actief in de rol van CPK. Zij zijn verantwoordelijk voor de coördinatie van het activiteitenaanbod op de opvanglocatie en hebben een ‘overall view’ op het welzijn en de veiligheid van kinderen. Uit de monitor blijkt echter dat de rol van CPK’s nog onvoldoende verankerd is in de verschillende opvanglocaties.

Signalen van kindermishandeling en huiselijk geweld
Kinderen zijn door de grootschaligheid van sommige opvanglocaties en de coronabeperkingen van het afgelopen jaar minder goed in beeld bij COA-medewerkers. Hierdoor kunnen zij signalen van mishandeling of geweld minder snel oppikken. Oomkens: “We vinden het zorgelijk dat kinderen uit beeld kunnen raken. Dit moet snel opgelost worden. Ook moet het gemakkelijker worden voor kinderen om zelf melding te maken van bijvoorbeeld mishandeling of geweld. Een kind in Nederland heeft volgens het VN-Kinderrechtenverdrag het recht om veilig op te groeien, ook tijdens het verblijf in een azc. Zij hebben een vertrouwenspersoon nodig, waar ze altijd bij terecht kunnen.”

Tekening van een van de geïnterviewde kinderen

Stress door onverwachts verhuizen
De monitor toont daarnaast dat de veelbesproken verhuizingen van minderjarige asielzoekers nog altijd niet zijn opgelost. Uit data van het ministerie van Justitie en Veiligheid blijkt dat kinderen in 2019 en 2020 tijdens de asielprocedure gemiddeld één keer verhuisden naar een andere opvanglocatie. Maar ook dat er nog altijd uitschieters bestaan van kinderen die drie, vier of vijf keer verhuisden. Hiermee is het voornemen uit het Regeerakkoord van 2017 om verhuisbewegingen zo veel mogelijk te beperken nog niet voor alle kinderen behaald.

“Steeds onverwachts moeten verhuizen leidt tot veel stress en slechte continuïteit van onderwijs en gezondheidszorg. Het werkt daarnaast ontwrichtend en zorgt ervoor dat kinderen zich moeilijk kunnen hechten. De veilige basis ontbreekt” (Arja Oomkens, coördinator Werkgroep Kind in azc).

© VluchtelingenWerk Nederland (Time4You), fotograaf Daniel van de Wetering

Verdere verbeteringen noodzakelijk
In 2018 publiceerde Kind in azc al een omvangrijk rapport naar de leefomstandigheden in azc’s. Hier kwamen toen 92 aanbevelingen uit, waarmee het COA voortvarend aan de slag is gegaan. Zo is de fysieke leefomgeving, het activiteitenaanbod en de kindvriendelijke voorlichting over de asielprocedure verbeterd en is de rol van CPK’s verstevigd. COA-medewerkers hebben daarnaast in het afgelopen jaar – tijdens de coronapandemie – extra aandacht besteed aan kwetsbare kinderen en veel geïnvesteerd om de continuïteit van jeugdgezondheidszorg te waarborgen. Desondanks krijgt de Werkgroep Kind in azc nog altijd signalen dat er veel schort aan de leefomstandigheden in de asielopvang voor kinderen.

“Met dit rapport maken we dat inzichtelijk en geven we de nieuwe regering handreikingen mee, waaronder het betrekken van een vertrouwenspersoon voor kinderen en ouders, het beperken van verhuizingen en vervolgonderzoek naar het verband tussen privacy en veiligheid. Op deze manier kan een veiligere basis voor kinderen in de asielopvang worden gecreëerd, zodat kinderen zich op een gezonde manier kunnen ontwikkelen en de ruimte hebben om kind te zijn” (Arja Oomkens, coördinator Werkgroep Kind in azc).

Minder psychische zorg voor asielzoekers dan voor andere Nederlanders

In een artikel van Vrij Nederland worden zorgen uitgesproken over de toegang tot psychische zorg voor asielzoekers. Het is onduidelijk hoeveel asielzoekers precies gebruik maken van psychische hulp, maar uit onderzoek naar leefomstandigheden van kinderen in asielzoekerscentra, dat de Werkgroep in 2018 deed, blijkt dat het slechts om een beperkte groep gaat en sterk afhangt van de locatie.

Uit het artikel:

Helen Schuurmans, voorzitter van de Werkgroep ‘Kind in azc’: ‘Ik krijg het idee dat de kwaliteit van zorg sterk afhangt van de aandacht die medewerkers op verschillende plekken toevallig voor de materie hebben. Asielzoekerscentra zitten weggestopt aan de rand van gemeenten, je loopt daar niet even naar binnen om te kijken hoe het gaat. En mensen die er wonen weten vaak niet goed waar ze recht op hebben of hoe ze die rechten kunnen afdwingen.’

TeamUp is één van de psychosociale programma’s die voor kinderen het verschil kunnen maken: ‘Je kan denken: trefbal, pff. Wat is dat nou voor iets simpels,’ stelt Jordans. ‘Maar achter alle spellen in het programma zit een idee.’ Trauma hangt samen met controleverlies, bijvoorbeeld als je machteloos wacht op een levensteken van je ouders. ‘Lichamelijk bezig zijn, beweging initiëren en stoppen, is een manier om controle en autonomie te ervaren, dat draagt bij aan herstel.’

De stimulans om de zorgkosten laag te houden, in combinatie met de gesloten aard van asielzoekerscentra, vraagt om gedegen toezicht op de kwaliteit van zorg. Maar dat ontbreekt. Het toezicht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) bestaat uit een halfjaarlijks gesprek met medewerkers van Arts en Zorg. Onderzoek op azc’s doet IGJ alleen naar aanleiding van concrete meldingen.

Als Jongedijk, psychiater en directeur van ARQ Centrum’45, gespecialiseerd in traumabehandeling,  iets zou mogen veranderen in de zorg voor asielzoekers, dan zou hij inzetten op het proactief opsporen van problemen in een zo vroeg mogelijk stadium. Asielzoekers bij aankomst screenen op depressie en posttraumatisch stresssyndroom. En dan na een paar weken nog eens. ‘Je wilt niet medicaliseren of problematiseren, dus niet bij de eerste test met therapie beginnen. Maar als klachten aanhouden, moet je zo snel mogelijk ingrijpen. Daar is veel ellende mee te voorkomen, ook in maatschappelijk opzicht.’

Hoe eerder een behandeling start, hoe groter de kans op succes. ‘Zo voorkom je dat mensen chronische klachten ontwikkelen, verdovende middelen gaan gebruiken of zichzelf iets aandoen. Voor de meeste mensen is er niet veel nodig. Laagdrempelige psycho-educatie en lichamelijke oefeningen die gericht zijn op ontspanning zijn meestal voldoende.’ Het artikel van Vrij Nederland lees je hier.

Het artikel van Vrij Nederland lees je hier.

Zorgen om niet-begeleide kinderen in Griekse vluchtelingenkampen

De leden van de Werkgroep Kind in azc ontvangen veel vragen over de meer dan 5200 niet-begeleide kinderen die in slechte omstandigheden in de Griekse kampen verblijven. Gezien de wereldwijde ontwikkelingen als gevolg van COVID-19 hebben, nu meer dan ooit, niet-begeleide kinderen op de Egeïsche eilanden hulp nodig. Onder hen staan meer dan 1600 bloot aan ernstige risico’s, waaronder uitbuiting en geweld. Zij zitten in slechte omstandigheden in overvolle opvang- en identificatiecentra.

Griekenland riep de lidstaten van de Europese Unie op om kinderen over te nemen die zonder familie vastzitten in de overvolle vluchtelingenkampen. Inmiddels hebben elf Europese landen, waaronder België, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg en Finland, aangeboden dit te doen. Ondertussen houdt de regering van Nederland voet bij stuk en wil geen kinderen opnemen.

De Werkgroep Kind in azc zet zich in eerste plaats in voor kinderen in azc’s in Nederland. Wél pleiten leden van de Werkgroep individueel voor herplaatsing van de betreffende groep kwetsbare kinderen. Vluchtelingenwerk Nederland, Defence for Children, Safe the Children en UNICEF Nederland riepen het Kabinet zo herhaaldelijk op om zich solidair te tonen en kinderen over te nemen, waaronder in een oproep in de NRC.

Voor meer informatie over het standpunt van de Werkgroepleden vind je hier:

Vraag aan Staatssecretaris: Prioriteit voor kinderen bij overplaatsing uit Zoutkamp en goed afstandsonderwijs op azc’s

De noodonderdaklocatie in Zoutkamp is niet geschikt voor kinderen. Hun bewegingsvrijheid is strikt beperkt tot het met hoge hekken omgeven terrein, wat in feite detentie is. Bovendien ligt de kazerne in een grimmige, militaire omgeving, hetgeen niet goed is voor kinderen die uit oorlogsomstandigheden komen. De Staatssecretaris erkent dat de locatie niet in alle opzichten voldoet aan de opvangrichtlijn voor kwetsbare groepen. Daarom stuurde de Werkgroep Kind in azc de staatssecretaris vandaag een brief met de vraag kinderen prioriteit te geven bij overplaatsing naar Ter Apel.

Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Daarnaast benadrukt de Werkgroep Kind in azc het belang van goede WIFI en voldoende devices voor kinderen in azc’s, zodat zij ook nu de scholen gesloten zijn hun huiswerk kunnen maken. Op 17 april beloofde de Staatssecretaris dat de WIFI problemen in de derde week van april opgelost zouden zijn. Om de vinger aan de pols te houden, vroeg  de Werkgroep op 21 april aan scholen hoe het er nu voor staat. Helaas geeft één derde van de 45 scholen die reageerden aan dat de WIFI nog niet voldoende werkt en op verschillende scholen hebben nog niet alle leerlingen een device om hun schoolwerk te maken.

Vooral door de enorme inspanning van leerkrachten en mentoren en de veelal goede samenwerking met het COA lijkt het er op dat in de meeste gevallen de scholen (bijna) alle leerlingen in beeld hebben. Toch hebben sommige scholen ook aangegeven zich ernstige zorgen te maken over sommige leerlingen omdat bijvoorbeeld hun dag- en nachtritme is verstoord.  Daarnaast zijn er zorgen over kinderen die überhaupt niet aan het onderwijs deel kunnen nemen in verband met bijvoorbeeld een recente verhuizing. Dit geeft eens te meer aan dat de veelvuldige verhuizingen van kinderen een negatieve impact hebben op kinderen, juist ook in deze zware tijden.

De werkgroep deelde de resultaten van de inventarisatie met het ministerie van JenV, het COA en de Tweede Kamer. Zo kan direct actie ondernomen worden waar dat nodig is.

De brief aan de Staatssecretaris (29-04-2020) vind je hier. Graag onvangen wij signalen van locaties waar de WIFI problemen inmiddels opgelost zijn of waar ook problemen met WIFI zijn.



COVID-19 informatie in 26 talen

Het IOM heeft informatie over COVID-19 in 26 talen beschikbaar gesteld. De brochure vind je hier.

Werkgroep Kind in azc vraagt staatssecretaris om kindvriendelijke noodopvangopvang tijdens Coronamaatregelen

Nederland beleeft met de bestrijding van het Coronavirus lastige tijden. Het kabinet moet ongekende maatregelen nemen. Maatregelen die alle mensen in Nederland raken. Jong, oud, mensen met een sterke gezondheid of een zwakkere gezondheid, mensen met of zonder een verblijfsvergunning. De Werkgroep Kind in azc begrijpt dat de staatssecretaris, als verantwoordelijke voor het asiel- en vreemdelingenbeleid, in deze situatie moeilijke besluiten moet nemen om mensen tegen het Coronavirus te beschermen. 

De vluchtelingen- en migrantenkinderen die zich nu melden in Ter Apel zijn extra kwetsbaar. Velen van hen hebben traumatische ervaringen opgedaan in hun land van herkomst en tijdens hun vlucht. Daarnaast verkeren ze in onzekerheid over hun toekomst én lopen ze nu ook nog extra risico op gezondheidsproblemen door het Coronavirus. Daarom is het juist NU van groot belang deze kinderen te helpen, kindvriendelijke opvang te bieden en te garanderen dat zij toegang hebben tot medische zorg.

Lees hier de oproep die wij de staatssecretaris gisteren (19 maart) stuurden.

Eerder schreef Vluchtelingenwerk Nederland al een brief aan staatssecretaris Broekers-Knol. Deze vind je hier.

Ook in andere Europese landen vragen coalities aandacht voor deze extra kwetsbare groep.

Tijd voor nieuw onderzoek naar kinderen in azc’s!

Het COA en de Werkgroep Kind in azc slaan opnieuw de handen ineen om aan kinderen en ouders te vragen hoe hun leven is op het azc.

Helen Schuurmans (links) en Joeri Kapteijns (rechts)

In 2018 werkten beide organisaties al samen aan een groot onderzoek naar de leefomstandigheden van kinderen in azc’s.

Hier kwamen toen 92 aanbevelingen uit. Zo werd bijvoorbeeld duidelijk dat de privacy van gezinnen verbeterd kan worden door niet meerdere gezinnen bij elkaar te plaatsen. Ook bleek dat er behoefte was aan informatie, meer sportieve en creatieve activiteiten én kon er veel verbeterd worden aan het gevoel van veiligheid.

Hoewel het COA voortvarend aan de slag is gegaan met de aanbevelingen, krijgt de Werkgroep Kind in azc toch signalen dat er nog veel schort aan de leefomstandigheden. Dus tijd om, twee jaar na het uitkomen van het eerste onderzoek, te monitoren hoe het nu staat met de leefomstandigheden van kinderen in azc’s.

Gisteren tekenden Joeri Kapteijns, bestuurslid van het COA, en Helen Schuurmans, voorzitter van de Werkgroep Kind in azc, daarom een intentieverklaring voor een hernieuwde samenwerking. Na de zomer starten zij op 4 locaties een monitor naar de leefomstandigheden van kinderen in azc’s om te onderzoeken of deze nu wél voldoen aan het Kinderrechtenverdrag.  Professionals, ouders, maar vooral ook kinderen zelf zullen aan het woord komen. De resultaten worden rond april 2021 verwacht.

Stop verhuizen van kinderen in azc’s nu! niet pas vanaf 2024…

Brief van Werkgroep Kind in azc t.b.v. AO 13 februari TK Asiel en Migratie: Flexibilisering opvang

Geachte leden van de vaste Kamercommissie Asiel en Migratie,

U spreekt tijdens het Algemeen Overleg (AO) van 13 februari met de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over het Programma Flexibilisering Asielketen. In het regeerakkoord staat dat de regering met dit Programma onder andere het volgende beoogt:  

“Het aantal verhuisbewegingen wordt door deze integrale opzet tot een minimum beperkt, zeker waar het schoolgaande kinderen betreft, van hen wordt in principe niet verlangd elders binnen Nederland te verhuizen.”

De Werkgroep Kind in azc maakt zich zorgen over de vraag of de regering binnen een redelijke termijn aan deze toezegging kan voldoen.  De Werkgroep Kind in azc concludeert op basis van de brief van de staatssecretaris dat het aantal verhuisbewegingen op zijn vroegst pas in 2024 zal verminderen. Het is niet duidelijk of het aantal verhuizingen tot die tijd ook al beperkt wordt en zo ja, op welke manier.

De Werkgroep vindt dit met name zorgelijk omdat het momenteel alarmerende signalen ontvangt over het aantal keer dat kinderen gedwongen moeten verhuizen. 

Het verhuizen is zeer schadelijk: door de onrust en instabiliteit die het met zich meebrengt ontwikkelen kinderen hechtingsproblemen, psychische en psychosomatische stoornissen, zoals angst- geheugen- en slaapstoornissen, en is er een gevoel van onveiligheid.2 Bovendien maken de vele verhuizingen het voor kinderen moeilijk om hun draai te vinden in Nederland en vrienden te maken, kortom kind te kunnen zijn. Daarnaast wordt de continuïteit van onderwijs en eventuele medische zorg door de verhuizingen onderbroken.  

Wij roepen u daarom op om de staatssecretaris te vragen het stoppen van de verhuizingen van kinderen serieus te nemen en de afspraken uit het regeerakkoord na te komen alsmede opvolging te geven aan  de motie Voordewind van 14 februari 2017. 

Wat gaat de staatssecretaris nu doen om het verhuizen van de 7.522 kinderen die nu in de centrale opvang verblijven te stoppen?

lees de volledige brief  

Een jaarkalender voor de staatssecretaris: tijd voor actie, zodat de leefomstandigheden van kinderen in azc’s verbeteren!

De Werkgroep biedt de staatssecretaris de kalender aan
© UNICEF

Vaak verhuizen, geen privacy, te weinig hulp bij traumatische ervaringen: de opvang van kinderen in Nederlandse asielzoekerscentra voldoet niet aan de normen van het VN-Kinderrechtenverdrag. Terwijl deze kinderen al zóveel hebben meegemaakt! Het leven van kinderen in asielzoekerscentra kan en moet beter: dat is de conclusie van het onderzoeksrapportLeefomstandigheden van kinderen in azc’s’ van de Werkgroep Kind in azc en het COA.

Om de situatie voor kinderen in azc’s te verbeteren is er actie vanuit de staatssecretaris van Justitie & Veiligheid nodig. Daarom heeft de Werkgroep kind in azc de staatssecretaris vandaag tijdens het kennismakingsgesprek met de Werkgroep een jaarkalender cadeau gegeven.

Iedere maand wordt er stil gestaan bij een concrete aanbeveling om de leefomstandigheden van kinderen in asielzoekerscentra te verbeteren en wordt uitgelegd waarom het belangrijk is dat dit aangepakt wordt.

De kalender geeft iedere maand aanbevelingen
© UNICEF

Het is niet toevallig dat de Werkgroep voor een kalender gekozen heeft; een kalender gaat over tijd. Voor kinderen is de tijd die zij in een azc doorbrengen vaak een groot deel van hun jeugd. Hun woonlocatie heeft veel invloed op hun welzijn en de wijze waarop zij opgroeien.

Tijd speelt ook een rol bij het opvolgen van de aanbevelingen. Per 1 januari 2020 zitten er meer dan 7.000 kinderen in een azc. Voor hen is het belangrijk dat er snel actie ondernomen wordt om de leefomstandigheden te verbeteren, want de klok tikt door. Te beginnen in januari met zorgen dat ieder gezin een eigen woonruimte heeft, zodat gezinnen een normaal gezinsleven kunnen lijden.

In 2020 kan de staatssecretaris door deze kalender elke maand controleren of ze op koers ligt met het verbeteren van de leefomstandigheden van kinderen in azc’s.

« Oudere berichten

© 2021 Kind in azc

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑