Van alle kinderen op de vlucht krijgt maar de helft basisonderwijs en een kwart van de kinderen in de middelbare schoolleeftijd gaat naar school. Dat staat in het net gepubliceerde rapport UNICEF-rapport ‘Education Uprooted’.

Doa’a is gevlucht vanuit Raqqa en verblijft nu in een vluchtelingenkamp waar ze voor het eerst in vier jaar weer les krijgt. © UNICEF/UN075312/Souleiman

“Ik ben zo blij dat ik hier met andere kinderen kan leren, spelen en praten. We hebben allemaal dezelfde dingen meegemaakt”, zegt de 10-jarige Doa’a uit Raqqa. Zij doet haar verhaal in een Child Friendly Space in het Ain Issa kamp in Syrië. Het gezin van Doa ‘a wist het kamp na een vlucht van drie dagen per auto en te voet te bereiken. “Ik vond het heel erg om ons huis achter te laten, maar gelukkig ben ik nu hier”, zegt het jonge meisje, die nu voor het eerst in vier jaar weer les krijgt. In Syrië gaan momenteel 1,75 miljoen kinderen niet naar school en 1,35 miljoen kinderen lopen het risico school te moeten verlaten.

Innovatieve oplossingen

UNICEF pleit in het rapport ‘Education Uprooted’ voor innovatieve oplossingen om alle kinderen op de vlucht zo snel mogelijk mee te laten doen in het onderwijssysteem van het land waar ze verblijven. Wereldwijd én in Nederland. Helen Schuurmans, Kinderrechtendeskundige bij UNICEF Nederland: “Kinderen op de vlucht moeten veel barrières overwinnen om naar school te kunnen. Kinderen die bijvoorbeeld uit Syrië gevlucht zijn naar Jordanië of Libanon, komen aan in een nieuwe omgeving en moeten alle gebeurtenissen verwerken. “Dat is al een grote opgave en dan moeten ze vaak ook werken om hun gezin te helpen overleven.”

Toekomstperspectief bieden

Het is cruciaal om deze kinderen toekomstperspectief te bieden en daarom werkt UNICEF er met partners aan om zo veel mogelijk kinderen naar school te laten gaan. Bovendien helpen we om barrières weg te nemen: door kinderbijslag en praktische oplossingen zoals transport naar school, krijgen meer kinderen onderwijs.

Innovatieve oplossingen zijn dringend nodig om deze kwetsbare kinderen onderwijs te bieden. Onderwijs moet geïntegreerd worden in onder meer psychosociale hulp en taallessen. UNICEF pleit ook voor internationaal erkende certificaten zodat het onderwijs dat deze kinderen tijdens hun vlucht krijgen erkend wordt en ze minder achterstand oplopen.

Yasmin Akther (8) is Rohingya en uit Myanmar gevlucht. Ze krijgt nu les in een UNICEF-leercentrum in Bangladesh. © UNICEF/UN068432/Noorani

Asielzoekerskinderen in Nederland

“De uitdaging om kinderen snel en kwalitatief goed onderwijs te bieden, geldt ook in Nederland”, zegt Schuurmans. “Het is zo belangrijk dat deze kwetsbare kinderen hier zo snel mogelijk een normaal leven krijgen met onderwijs dat past bij hun capaciteiten. Asielzoekerskinderen gaan in Nederland meestal wel snel naar school, maar het systeem in Nederland is onvoldoende ingericht op de problemen waar ze tegenaan lopen. Zo worden kinderen in de asielperiode vaak gedwongen om (een aantal keer) te verhuizen, waardoor hun leerproces onderbroken wordt, kinderen opnieuw moeten wennen aan een nieuwe leerkracht, klasgenootjes en een nieuwe lesmethode.”

UNICEF Nederland pleit voor praktische oplossingen om het onderwijs voor asielzoekerskinderen in Nederland te verbeteren:

  1. Stop de voortdurende verhuizingen van asielzoekers waardoor kinderen telkens van school moeten wisselen en nog meer achterstand oplopen.
  2. Geef asielzoekerskinderen toegang tot voorschoolse voorzieningen.
  3. Neem asielzoekerskinderen makkelijker op in gewone scholen.
  4. Biedt taalschakelklassen in brede schoolgemeenschappen.
  5. Investeer in de deskundigheid van leraren zodat ze om leren gaan met de achtergrond van deze kinderen en ze psychosociale problemen en trauma’s kunnen herkennen.
  6. Laat elders behaalde diploma’s waarderen, zodat de aansluiting met het Nederlandse systeem makkelijker wordt.
  7. Ontwikkel betere lesmaterialen die aansluiten bij de specifieke noden van deze kinderen.